HARM WAGENMAKERS

Kort verhaal uit de bundel

BRUG DER ZUCHTEN

 

Kleine Ansje eet de bloemen op die haar moeder zojuist van haar nieuwe vriend gekregen heeft. Ze eet ze zo, fris, uit de vaas, met stengel en al.
Dan pakt ze de vaas met beide handjes vast en kloekt met grote slokken het bloemenwater door haar keel… De Chrysalkorrels, nog niet helemaal opgelost, glibberen langs het melkgebitje uit haar mond en over haar kin. Vervolgens loopt ze naar haar moeder en kotst alles over haar nieuwe mantelpakje heen, ook een cadeautje van de nieuwe vriend.
Ansje is vijf jaar en ze weet precies wat ze wil en wat niet. Haar moeder ondergaat het met verbijstering, niet in staat te reageren.
Gatverdamme! zegt de man. Kun je die rotmeid niet een keer een goed pak op haar donder geven? Ze heeft een hekel aan me, dat merk je toch wel? Achter haar moeders rug laat kleine Ans de kristallen vaas met een enorme klap te pletter vallen op de plavuizen vloer.
Nu is het genoeg!! roept haar moeder. Heb je soms een hekel aan m’n nieuwe vriend?
Als je niet ophoudt mij te pesten dan zal ik je eens een goed pak op je donder geven!
Maar, ze pest mij ook, zegt de man. Ik heb jou die bloemen gegeven en dat mooie nieuwe mantelpak. En wat denk je dat die vaas me heeft gekost?... Dat kleine kreng verruïneert de hele boel en jij doet niks. Ik wil haar anders zelf ook wel op haar donder geven, als je het goed vindt.
Laat maar, zegt haar moeder. Doe maar niet. Het heeft geen zin. Ze neemt niks aan van vreemde mannen, dat heb ik haar geleerd. En als ze iets niets wil, nou berg je dan maar. Je hebt het net gezien! Dat heeft ze van haar vader. Breek me de bek niet open!... Maar het komt wel goed. Ze moet je eerst wat beter leren kennen.
Je mist een nieuwe man in huis!, zegt de nieuwe vriend kwaad. Een echte man! Dan leert ze het wel af, die achterlijke streken!!... Dan komt de kleine Ans met een flinke scherf van de vaas naar de vriend van haar moeder gelopen en steekt zonder aarzelen met beide handjes de scherf als een dolk omhoog in zijn buik… Tsjàk,…en trekt hem er… Sschlloep,… meteen ook weer uit. De man vlucht in wilde paniek, schreeuwend van pijn de kamer uit, de gang op. Met twee handen probeert hij de wond dicht te drukken. Zijn witte overhemd is aan de voorkant al aardig doorweekt van het bloed. Bel een ziekenwagen, roept hij panisch!... De politie!... Doe iets!!! Dat kind is gestoord!!!...

Hou je nou eens op?!, schreeuwt moeder tegen kleine Ans. Ze springt op van de bank en schud haar dochtertje flink door elkaar. De bloederige kristalscherf valt kletsend op de grond… Je maakt al mijn relaties kapot, lelijke meid! Dit is al de derde in een maand tijd, en deze ken ik nog niet eens een week! Ze gebaart naar de deur waarachter het radeloze schreeuwen doorgaat tot het opeens beangstigend stil wordt… Dit wordt natuurlijk ook weer niks!, zegt ze vertwijfeld. Verdomme! Hoe krijg je het toch voor elkaar, kind! Zo leer je nooit een nieuwe vader kennen, stomme meid!... Je hebt een vader nodig, Ansje!... Ik denk de laatste tijd wel eens; Was ik maar nooit gescheiden van die klootzak!

____________